Geachte Prins van Huissen,
Ik heb uw stuk met veel aandacht gelezen. Als u dacht de enige te zijn geweest die door de voorzitter is gebeld, dan heeft u het mis. Zoals bij u wilde hij ook met mij een afspraak maken. Mijn partner en ik maakte het huis aan kant en bakte zelfs een appeltaart. Door de tijdsdruk kon ik niet zo snel mijn witte majo vinden. Ik was namelijk wel zeker van de reden van zijn bezoek. Wij kregen te horen dat Wim zelf verhinderd was en de delegatie die Wim gestuurd had liet niet te wensen over. In eerst instantie waren wij teleurgesteld door de afzegging van Wim. Bij het opengaan van de deur zagen wij de "hoekstenen van de Kraonige" staan. Toen we eenmaal door de koffie en taart geworsteld waren, kwam het hoge woord eruit. Helaas kan en wil ik niet reproduceren wat die avond allemaal besproken is, u zult dat als geen ander begrijpen. Een ding kan ik u al wel vertellen, het was nog lang onrustig bij ons thuis.
Niet veel later ging ik samen met mijn partner op kleding jacht. Een aanslag op de portefeuille en dan moet het seizoen nog beginnen. Ondanks de vele restricties viel het niet mee om te slagen. Ook hier bleek dat wit niet altijd wit is, rood niet altijd rood en zwart niet altijd………
Beste Prins ik voel met u mee, uiteindelijk zitten we in hetzelfde schuitje. Mocht u net als ik behoefte hebben om met een lotgenot te keuvelen, schroomt u dan niet en neem rustig contact met mij op.